500 jaar Dodoens, nog tot 30 juni in museum Plantin-Moretus

Het Museum Plantin-Moretus viert nog tot 30 juni Rembert Dodoens, die 500 jaar geleden werd geboren. De Mechelse arts groeide uit tot vader van de botanica. Hij vernieuwde de plantkunde, en zorgde zo voor een revolutie in de geneeskunde. Samen met zijn collega’s en vrienden Lobelius en Clusius publiceerden ze verschillende werken bij Christoffel Plantin.

1517

Rembert Dodoens wordt geboren in Mechelen. Zijn vader is er stadsdokter, en dat zou Rembert ook zélf 34 jaar lang zijn. Maar we kennen hem vooral dankzij zijn publicaties. Op zijn 37ste geeft hij zijn Cruijdeboeck uit. Het wordt het meest vertaalde boek uit de 16de eeuw, na de Bijbel.

Meer dan 200 jaar blijft het Cruijdeboeck hét naslagwerk over kruiden. Vanwaar dat succes? Rembert Dodoens durft verder te kijken dan de kennis die was overgeleverd uit de klassieke oudheid. Hij trekt op onderzoek uit, de velden in, en dat over heel Europa. Hij beschrijft nauwkeurig de planten die hij onderzoekt, en onderzoekt de uitwerking ervan op de mens. Voor zijn publicaties staat hij erop dat de afbeeldingen perfect zijn. Al zijn publicaties zijn grafische én wetenschappelijke meesterwerken.

Dodoens is ook een taalvirtuoos. Hij publiceert het Cruijdeboeck in het Nederlands, en niét in het Latijn zoals toen de gewoonte was. Zo kan iedereen in Vlaanderen het lezen.

Op de vlucht voor Spaanse plunderaars

In zijn tijd staat Dodoens bij de machtigen der aarde vooral bekend als arts. Vele vorsten proberen hem te overhalen om bij hen hofarts te worden. Dodoens weigert altijd, tot in 1572 de soldaten van Alva zijn huis in Mechelen tijdens een plundertocht verwoesten. In 1574 trekt hij naar het hof van de Rooms-Duitse keizer Maximiliaan II in Wenen. Hij is dan al 57 jaar. Dodoens vindt er zijn collega Clusius terug, die in Wenen de keizerlijke medicinale tuinen beheert. Clusius kwam oorspronkelijk uit Arras. Dodoens werkte al in 1557 met hem samen om het Cruijdeboeck in het Frans te laten vertalen.

Driespan van de plantkunde

De oude Dodoens wil na vier jaar weg uit Wenen. Terug naar huis, naar Mechelen, maar dat blijkt te gevaarlijk. Hij verhuist naar Antwerpen. Daar werkte hij al langere tijd samen met Christoffel Plantijn aan het Stirpium historiae pemptades sex, een Latijnse uitbreiding van zijn Cruijdeboeck in zes grote delen. Dodoens ontmoet bij Plantijn Lobelius, die ook bij Plantijn publiceert. Net als Clusius, trouwens. Zo publiceert Plantijn alle boeken van het hele ‘driespan van de plantkunde’. Hoe belangrijk was dat trio? Vergelijk ze vandaag gerust met Janssen Pharmaceutica, Omega Pharma en Pfizer samen. Want bijna alle medicijnen werden in de 16de eeuw uit planten getrokken.

Dodoens sterft samen met de Gouden Eeuw

Dodoens ontvlucht ook Antwerpen dat door de Spanjaarden belegerd wordt. Plantijn drukt in 1583 nog zijn laatste meesterwerk, het eerder vernoemde Stirpium historiae pemptades sex. Dodoens werkt dan al aan de universiteit van Leiden. Daar sterft hij in 1585. Het jaar waarin ook Antwerpen valt. Het definitieve einde van de Gouden Eeuw.